Finaliteiten?

Weet jij wat A- of B-stroom is?

Ken jij het verschil tussen doorstroom, dubbele en arbeidsmarktgerichte finaliteit?

A-stroom of B-stroom in het eerste en tweede middelbaar

De A-stroom

De meeste leerlingen die hun getuigschrift van de basisschool hebben gehaald, starten hier.

  • Voor wie? Voor leerlingen die een getuigschrift basisonderwijs hebben behaald (de basisschool geeft deze informatie zeker)
    Voor leerlingen die vlot leerstof verwerken uit boeken en goed zijn in abstract denken (dingen begrijpen zonder dat ze het altijd moeten vastpakken).
    In onze school zorgen we nog steeds voor kleine klasgroepen in de eerste graad (ong. 16 leerlingen per klas).
  • Wat leer je? Je krijgt veel algemene vakken zoals Frans, Wiskunde en Nederlands. Je krijgt een brede basis zodat je daarna nog alle kanten op kunt (meestal richting de Doorstroom- of Dubbele finaliteit).
  • Tempo: Het tempo ligt hoog en er wordt van je verwacht dat je zelfstandig kunt studeren.
  • Wat nadien? Na het tweede jaar van de A-stroom stroom je meestal door naar de doorstroom of dubbele finaliteit?

De B-stroom

Deze stroom is er voor leerlingen die meer hebben aan een concrete aanpak of die op de basisschool wat meer moeite hadden met de grote hoeveelheid leerstof.

  • Voor wie? Voor leerlingen die liever al doende leren. Ook als je je getuigschrift van de basisschool (nog) niet hebt gehaald, start je hier. Maar let op: in het eerste jaar krijg je nog zeer veel algemene vakken.
  • Wat leer je? De klassen zijn kleiner (ongeveer 12 leerlingen per klas), waardoor er meer persoonlijke aandacht is. De leerstof is minder abstract, meer toegepast. De leerstof is ook eenvoudiger dan die in de A-stroom.
  • Tempo: Er is meer tijd om de basis goed onder de knie te krijgen.
  • Wat nadien? Na het tweede jaar van de B-stroom stroom je meestal door naar de arbeidsmarktfinaliteit.

Finaliteiten vanaf het derde middelbaar

Doorstroomfinaliteit

Dit is de richting voor jou als je nu al weet dat je na het middelbaar nog verder wilt studeren aan een hogeschool of universiteit.

  • Wat leer je? Vooral veel theorie. Je krijgt vakken als wiskunde, talen, wetenschappen of economie op een hoog tempo.
  • Het diploma: Na het succesvol afronden van het zesde jaar krijg je diploma secundair onderwijs OK4.
  • Het doel: Je klaarstomen voor een master- of bachelordiploma (universiteit of hogeschool)
  • Vroeger heette dit: Meestal ASO (en enkele richtingen van TSO).

Dubbele Finaliteit

De naam zegt het al: je hebt twee opties. Na het middelbaar kun je gaan werken, óf je kunt nog verder studeren aan een hogeschool.

  • Wat leer je? Een combinatie van theorie en praktijk. Je leert de nodige kennis uit boeken, maar je gaat ook echt aan de slag met opdrachten die bij een beroep horen.
  • Het diploma: Na het succesvol afronden van het zesde jaar krijg je diploma secundair onderwijs OK4 EN een of meerdere beroepskwalificaties.
  • Het doel: Een goede basis om te gaan werken (bijvoorbeeld als zorgkundige, kinderbegeleider of operator), maar ook de kans om een graduaat of bachelor te halen (hogeschool of universiteit).
  • Vroeger heette dit: Meestal TSO of KSO.

Arbeidsmarktfinaliteit

In deze richting word je opgeleid om direct na je zesde (of meestal zevende) jaar aan de slag te gaan in een echt beroep.

  • Wat leer je? Vooral heel veel praktijk. Je leert een vak met je handen en door te doen. De theorie die je krijgt, is direct gekoppeld aan wat je in de praktijk nodig hebt.
  • Het diploma: Na het succesvol afronden van het zesde jaar krijg je diploma secundair onderwijs OK3 EN een of meerdere beroepskwalificaties.
  • Het doel: Na je zevende jaar kan je direct de arbeidsmarkt op en gaan werken. Je kan ook verder studeren naar een graduaatsopleiding (hogeschool) OF via ons schakeljaar (BRUG7) je diploma "upgraden" naar OK4.
  • Vroeger heette dit: BSO.